hulpmiddelen |
Suske en Wiske
Suske en Wiske is een Vlaamse stripreeks die bedacht werd door Willy Vandersteen en later werd voortgezet door achtereenvolgens Paul Geerts, Marc Verhaegen en het duo Luc Morjaeu en Peter van Gucht van Studio Vandersteen. De stripreeks is één van de populairste stripseries in Vlaanderen en één van de weinige Vlaamse strips die ook in het buitenland erg populair zijn geworden. Ze loopt al sinds 1945 en is daarmee de langstlopende Vlaamse stripreeks. De verhalen zijn humoristisch van aard en hadden tijdens hun hoogdagen een sterke reputatie op vlak van spannende en inventieve plots. Alhoewel "Suske en Wiske" zich in het heden afspeelt vinden veel verhalen ook plaats tijdens historische periodes.
[bewerk] Geschiedenis[bewerk] BeginjarenOp 30 maart 1945 verscheen de eerste aflevering van De avonturen van Rikki en Wiske in De Nieuwe Standaard. In het verhaal treden tante Sidonia, Wiske, en haar oudere broer Rikki op. Op 19 december 1945 begon in de krant het eerste verhaal van Suske en Wiske, Op het eiland Amoras. In dit album leren we Suske en professor Barabas kennen. Rikki verdwijnt spoorloos nadat we in de aankondiging van het verhaal zien dat hij met een schoenenbon op pad wordt gestuurd. Vandersteen verklaarde dat Rikki geen volwaardige tegenspeler van de veel jongere Wiske was en het personage ook teveel op Kuifje leek. Lambik deed zijn intrede in het derde verhaal, De sprietatoom (1946) en Jerom maakte zijn debuut in De dolle musketiers (1952). De eeuwige booswicht Krimson dook voor het eerst op in Het rijmende paard (1962). Suske en Wiske werd spoedig uitermate populair. Vandersteen stak zijn verhalen vol humor die varieërde van absurde gags, woordspelingen tot moppenboek-achtige grappen. In de beginjaren verwees hij ook regelmatig naar de actualiteit, wat in de krant perfect werkte, maar snel dateerde wanneer de verhalen in album werden uitgegeven. Hierom verdween de actuele humor uit de reeks. Een andere belangrijke factor voor Suske en Wiske's succes was Vandersteen's vertellerstalent. Hij wist enorm sfeerrijke, fantasievolle, spannende en mysterieuze plots te bedenken en maakte uitgebreid gebruik van cliffhangers. Hierdoor keken lezers altijd reikhalzend uit naar het vervolg van het verhaal. Vandersteen werd wel eens "de man die Vlaanderen zijn krant achterstevoren leerde lezen" genoemd omdat krantenkopers eerst Suske en Wiske lazen en daarna pas de rest van de krant. De verhalen werden, na publicatie in de krant De Nieuwe Standaard (1945-1947) en later De Standaard (vanaf 1947), uitgegeven in albums met een felrode omslag. De serie werd al snel bekend onder de naam Rode reeks. Verschillende verhalen uit Vandersteen's gouden periode (jaren '40-jaren '50) werden klassiekers, zoals Het eiland Amoras, De vliegende aap, De zwarte madam, De stalen bloempot, De ringelingschat en De dolle musketiers, om er maar enkele te noemen. Het succes van Suske en Wiske inspireerde ook andere striptekenaars in Vlaanderen. Marc Sleen, die oorspronkelijk cartoonist was, werd door zijn krant aangespoord om ook een stripreeks te beginnen en zo de concurrentie met Suske en Wiske aan te gaan. Dat werd uiteindelijk Nero (strip). Pom begon in 1950 Piet Pienter en Bert Bibber en Jef Nys in 1955 Jommeke. In 1948 werd Vandersteen zelfs door Hergé gevraagd om Suske en Wiske in het weekblad Kuifje te publiceren. De Nederlandstalige editie van het blad verkocht niet zo goed als de Franstalige en daarom wou Hergé de populairste Vlaamse striptekenaar aannemen. Vandersteen moest zijn tekenstijl wel grondig aanpassen en realistischere plots bedenken. Deze verhalen werden na publicatie in het stripblad uitgegeven in de zogeheten Blauwe reeks (zo genoemd vanwege de helblauwe omslag ter onderscheiding van de Rode reeks). In deze verhalen was geen plaats voor Jerom, tante Sidonia en professor Barabas. Lambik bleef voor lachwekkende situaties zorgen, maar werd iets minder dom en kreeg een gespierder uiterlijk. Ook verloor hij zijn onhandigheid: zo blijkt hij een begenadigd schermer en duiker te zijn. Suske en Wiske kregen eveneens een anatomisch volmaakter lichaam. Wiske's kapsel werd ook letterlijk omgetoverd in het eerste verhaal (Het Spaanse spook). Haar karakteristieke staartje met rode strik dat ze steil bovenop haar hoofd draagt werd vervangen door een knotje. De verhalen zijn over het algemeen veel logischer en maken geen gebruik van magie, op Het Spaanse Spook na. Vandersteen zou 8 verhalen tekenen voor het blad, maar kreeg nadien onenigheid met Hergé en de reeks werd gestopt. Het laatste verhaal (Het gouden paard) verscheen niet eens in albumvorm in de Blauwe reeks. Pas jaren later (1970) verscheen het verhaal in verkorte vorm in de Rode reeks. In 1997 werd in de reeks 'Suske en Wiske klassiek' het verhaal in haar integrale versie uitgegeven zoals het destijds in Kuifje verscheen. [bewerk] OpvolgingIn 1972 kreeg Paul Geerts, de assistent die al het meeste van het tekenwerk deed, de artistieke eindverantwoordelijkheid voor de strip. In 2002 werd Marc Verhaegen de belangrijkste persoon in de studio. In 2005 moest hij stoppen na een meningsverschil met de studio. Hij werd opgevolgd door een tekenteam onder leiding van Luc Morjaeu en een scenarioteam onder leiding van Peter van Gucht. Vandersteen stelde bij testament een aantal voorwaarden aan voortzetting van de reeks. Zo is seks taboe, mogen er geen hoofdpersonen bijkomen of afvallen, mogen de hoofdpersonen niet veranderen of verouderen, en mogen een aantal gegeven situaties niet veranderen (Lambik en Sidonia mogen bijvoorbeeld nooit huwen). [bewerk] Personages[bewerk] Hoofdpersonages
[bewerk] Nevenpersonages
[bewerk] Bekende uitvindingen
[bewerk] StijlVeel Suske en Wiske-verhalen ontstaan uit dagelijkse situaties die meestal uitmonden in meer fantasierijke tot zelfs absurde plots. Magie is een sterk ingrediënt in de reeks en spoken, tovenaars, heksen, draken, duivels, legendes, betoverde dieren en dingen, ... komen af en toe voor. Folklore vormt vaak een inspiratiebron, zoals merkbaar is in albums als Het monster van Loch Ness, De krachtige krans, Het geheim van de Kalmthoutse heide, De jolige joffer en Het witte wief. Figuren als de zwarte madam, Kludde en Lange Wapper komen rechtstreeks uit de Vlaamse folklore en het verhaal van het Ros Beiaard en de Vier Heemskinderen wordt gebruikt in Het ros Bazhaar. Via professor Barabas' teletijdmachine reizen de figuren ook regelmatig terug in de tijd zodat sommige avonturen zich een gans album lang afspelen in een bepaalde historische periode. Voorbeelden hiervan zijn onder meer: Het geheim der gladiatoren, De mottenvanger, Het Spaanse spook, De gladde glipper, De duistere diamant,...Ook modernere zaken worden wel eens in de plot verwerkt, al is dit eerder een recente trend: De elfstedenstunt is gebaseerd op de elfstedentocht in Friesland en Big Mother op het televisieprogramma Big Brother. Sommige plots werden geïnspireerd door grote literaire werken: Zo is De junglebloem een gedeeltelijke hervertelling van The Jungle Book van Rudyard Kipling; De ringelingschat is gebaseerd op Wagners Der Ring des Nibelungen en De dolle musketiers ontleent elementen uit Alexandre Dumas's De drie musketiers, Het dreigende dinges is gebaseerd op Een hond van Vlaanderen van Marie Louise de la Ramée. Ook films en televisieseries vormden vaak een inspiratiebron: Wattman doelt op de superheldenstrip Batman en De Texasrakkers werd geïnspireerd op de Texas Rangers. Jeromba de Griek werd geïnspireerd door de film Zorba de Griek en Robotkop door Robocop. Ook kunstenaars en/of hun kunstwerken komen aan bod in de verhalen, zoals Peter Paul Rubens (De raap van Rubens), Mozart (Het wondere Wolfje), Rembrandt van Rijn (De nachtwachtbrigade), Antoon van Dyck (Het rijmende paard), Vincent van Gogh (De kleurenkladder), M.C. Escher, Magritte en Salvador Dali (De kunstkraker). De albums De koning drinkt en De dulle griet zijn gebaseerd op schilderijen met dezelfde naam (van Jacob Jordaens en Pieter Breughel de Oude) en het beeldje van Manneken Pis speelt mee in Het kregelige ketje. [bewerk] ModerniseringenSuske en Wiske is de langstlopende Vlaamse stripreeks. Door de enorme productiviteit zijn er op 60 jaar tijd bijna 300 verhalen beschikbaar. In de beginjaren was de strip nog vrij volks van aard: de personages spraken Vlaams dialect en sommige plots waren nogal Vlaams-nationalistisch en katholiek. Zo vechten de personages in Het Spaanse Spook tegen met de Geuzen tegen de Spaanse bezetting en in De stalen bloempot sprak Suske zich in het oorspronkelijke album nogal fel uit voor de bouw van een kathedraal op Amoras volgens de "geest van het volk dat naar Vlaamse tradities" streeft. Toen de strip een groter publiek bereikte en ook Nederland veroverde paste Vandersteen dit volkse karakter wat meer aan. Omdat zoveel mensen de strips lazen werd het noodzakelijk het taalgebruik in het algemeen Nederlands te laten verlopen, opdat iedereen de verhalen kon begrijpen en ook taalfouten vanuit het dialect werden vermeden. De stripreeks werd geleidelijk aan ook steeds Nederlandser. Suske en Wiske vlogen nu met de KLM en in De goalgetter speelt Suske zelfs bij Oranje. De populistische grappen bleven aanwezig, vaak met stereotiepe grappen rond de "luie ambtenaar", "inhalige belastingsinspecteur" of "leugenachtige politicus". [bewerk] Kritiek op neergang van kwaliteit in de reeksVanaf de jaren '60 werden de titels van de albums steeds alliteratiever : De toornige tjiftjaf, Het kregelige ketje, De koddige kater, enzovoort. Ook werden waarden, normen en deugden steeds nadrukkelijker in de plots verwerkt en verscheen er aan een einde van het verhaal vaak letterlijk een moraal. Veel fans duiden deze evolutie aan als het begin van de neergang in kwaliteit. Anderen vinden dat de reeks veel van zijn humor en spanning verloor toen Vandersteen de strip doorspeelde aan zijn medewerkers. Toch bevatten de albums die na 1972 (overname door Paul Geerts) verschenen nog af en toe grappen of ideeën die door Vandersteen werden bedacht. Toen Vandersteen in 1990 overleed, en zijn controle en advies wegviel, begon volgens veel lezers de definitieve neergang. De plots werden ver gezocht, gingen vaak nergens heen en spreken eerdere gebeurtenissen tegen. De humor werd flauwer en de verhaallijnen minder leesbaar (zo wordt bv. soms erg veel informatie in één tekstballonnetje gestopt) . Eén van de vaakst gehoorde kritieken is dat de reeks "ongeïnspireerd, routineus bandwerk" is geworden dat louter nog wordt uitgemolken voor het geld. Ook wijken de sfeer en situaties in de nieuwere strips steeds drastischer af van de oorspronkelijke reeks. In de jaren '70 droegen Suske en Wiske al bruine olifantenpijpenbroeken, maar in de jaren '00 werd zelfs op de albumachterkanten hun traditionele kledij aangepast. In het verhaal Amber is het eerste album waar Wiske niet meer haar bekende witte jurkje draagt. Uit jaloezie op Suskes aandacht voor een Neanderthalermeisje begint ze een hanenkam en bijpassende kleding te dragen om Suske weer voor zich te winnen. Ook de kleding van Suske wordt aangepast, zo verruilt hij zijn vertrouwde zwarte broek voor een legerbroek. Toen Wiske in De koeiencommissie (december 2001) een naveltruitje en een zwarte minirok kreeg, kwamen er luide protesten van de lezers. Sinds het verhaal De blote Belg (2002) draagt Wiske weer een degelijke witte jurk, maar wel een zonder mouwen. In het album De primitieve paljassen (2006) kregen Suske en Wiske hun normale kleding terug (Wiskes jurk heeft opnieuw mouwen, alhoewel nu iets korter dan voorheen). Deze kledij-verwisselingen werden ingegeven door de dalende oplagecijfers van de albums eind jaren '90 (van 400.000 naar minder dan 300.000). Aldus gaven de erven Vandersteen Paul Geerts en Marc Verhaegen opdracht om Suske en Wiske te moderniseren. Zo werden het taalgebruik en de kledij van de figuren aangepast, terwijl moderne hulpmiddelen als de mobiele telefoon en de computer hun intrede deden. Een andere aspect dat erg in trek is bij kinderen, maar door oudere fans wordt verafschuwd is zijn de steeds nadrukkelijkere soapserieachtige elementen zoals Tante Sidonia die wanhopig op zoek is naar een man en Wiske die jaloers is op Suske omdat hij aandacht krijgt van een andere meisje. Ook gevechten zijn in vergelijking met vroeger realistischer geworden met echte kogels en wonden. Ziektes worden ook meer in detail beschreven. Deze aanpassingen hebben natuurlijk ook met de tijdsgeest te maken. Vandersteen zou in de jaren '70 al hebben verzucht zijn gevoel met de jongere generaties te hebben kwijtgespeeld, iets waar zijn opvolgers beter op wisten in te spelen. Sinds dat decennium werden maatschappelijke en sociale kwesties steeds nadrukkelijker in de verhalen verwerkt, vaak zelfs ten koste van het leesplezier. Milieuproblematiek (De boze boomzalver), het generatieconflict (Twee toffe totems), opvoedingsproblemen (De speelgoedspiegel), verkeersovertredingen (De tootootjes), bedreigde diersoorten (De rinoramp), de Zaak-Dutroux (De rebelse Reinaert), de dioxinecrisis (De koeiencommissie),... Ook albums die volledig rond een actueel televisieprogramma draaien, (Big Mother), en het zelfs speciaal naar aanleiding van een gelijknamige spelprogramma op tv geschreven De blote Belg doen de geruchten van "uitmelkerij voor het geld" geen goed. Los van de scenario's heeft ook het tekenwerk de afgelopen jaren meer kritiek gekregen. Paul Geerts werd tijdens zijn carrière vaak bekritiseerd dat hij de fantasie, humor en originaliteit van Vandersteen miste, maar dit verwijt wordt tegenwoordig meer aan Marc Verhaegen en Erik Meynen gemaakt, die volgens veel fans enkele van de slechtste en meest afwijkende Suske en Wiske-albums ooit hebben gemaakt. [bewerk] Verleden en moderne tijdDe strips zijn over het algemeen terughoudend over moderne uitvindingen. In vroege verhalen wordt bijvoorbeeld tv-kijken als tijdverspilling gezien, en de vrienden zijn kritisch over de verkilling van de maatschappij (bijvoorbeeld in De Krimson-crisis). Het eiland Amoras (Het eiland Amoras, De stalen bloempot, Amoris van Amoras) is in het Antwerpen van 1541 blijven steken. Een groot aantal van de verhalen speelt zich af in het verleden. Toch is de strip niet alleen lovend over de geschiedenis: zwarte bladzijden uit de geschiedenis, zoals kinderarbeid (De hellegathonden), onderdrukking van het volk (De gladde glipper, De ringelingschat, Het geheim der gladiatoren,...) worden ook aangekaart. Alhoewel de vrienden in de nieuwere verhalen wel gebruik maken van moderne communicatiemiddelen, zoals het internet en gsm's, blijven ze toch kritisch. Zo wordt in De koeiencommissie de moderne vleesindustrie bekeken, in De sinistere site en De kaduke klonen komen respectievelijk de gevaren van het internet en de kloontechnologie aan bod. Er wordt in de verhalen vaak gewezen op het feit dat de rijke westerling beter hulp kan bieden aan de allerarmsten op de wereld, in plaats van geld te verdienen met de wapenhandel voor bloedige oorlogen. [bewerk] OmslagDe omslag van nieuwe Suske en Wiske albums is vernieuwd in de zomer van 2007. Studio Vandersteen nam bij de metamorfose afstand van de rode kaft met daarin een tekening. Nu vult de tekening de hele voorkant. Dit is voor het eerst bij het album De curieuze neuzen. Om de lezers te laten wennen aan de nieuwe vormgeving, koos de studio voor een mapje dat om het album is geschoven. Het mapje zelf heet De magnifieke metamorfose en hierop is de bekende oranje kleur nog aanwezig. [bewerk] Verhalen en uitgaven[bewerk] VoorpublicatieVele verhalen van Suske en Wiske werden en worden eerst voorgepubliceerd in vele verschillende kranten en tijdschriften, voordat ze in albumvorm verschijnen. Zo verschenen en verschijnen de verhalen in:
[bewerk] AlbumsHierna verschenen de verhalen in albumvorm in de volgende reeksen:
Later zijn de verhalen nog op tal van andere manieren uitgegeven, zoals:
[bewerk] VertalingenSuske en Wiske zijn ook verschenen in vele andere talen (van Afrikaans tot Zweeds, en van Latijn tot Esperanto) en streektalen (Fries, Gronings, Drents, Twents, Limburgs en Brabants). De volgende namen worden in andere talen gebruikt:
[bewerk] Spin-offs[bewerk] Spin-off stripsVan Suske en Wiske zijn in de loop der jaren verschillende spin-offs gestart. De bekendste hiervan zijn:
[bewerk] Tv-serieAl in 1955 waren er avonturen van Suske en Wiske op de Nederlandse televisie te zien. Pats Poppenspel bracht ze op de buis. In 1973 werd besloten om een nieuwe televisiepoppenserie te maken, gebaseerd op speciaal voor die serie te schrijven verhalen. Later werden ze in albums uitgebracht. Het ging om De minilotten van Kokonera, De gouden locomotief, De zingende kaars, De windbrekers, De regenboogprinses en Het laatste dwaallicht. Elk verhaal bestond uit vijf afleveringen van 22 minuten. De poppen waren vervaardigd door het atelier Creatuur in samenwerking met André Henderickx, een Schiedamse glazenier/ kunstenaar. Er werd voor elk figuur een aantal koppen met verschillende gezichtsuitdrukkingen gemaakt. Opvallend was dat Jerom als pop zijn ogen open had, daar waar hij in de albums altijd met gesloten ogen loopt. De decors en rekwisieten kwamen op basis van gedetailleerde ontwerpen van Studio Vandersteen tot stand. De stemmen waren van Paula Majoor (Suske), Helen Huisman (Wiske), Henk Molenberg (Lambik), Trudy Libosan als Trudi de Kat (Sidonia), Wim Wama (Jerom) en Cees van Oyen (Prof. Barabas en overige stemmen). Wim Povel die de scenario's schreef, had op de later verschenen lp de rol van verteller, ofschoon in de tv-serie de verhalen door Lambik aan elkaar gepraat werden. De serie werd geregisseerd door Patrick Lebon en de muziek was geschreven door Piet Souer. In Nederland zond de TROS de serie uit van oktober 1975 tot en met december 1976. [bewerk] TekenfilmsEr verschenen ook tekenfilms rond de verhalen van Suske en Wiske. Ze waren eind jaren '80, begin jaren '90 op VTM te zien, maar werden de animatie werd over het algemeen erg houterig bevonden. [bewerk] Weekblad10 jaar lang, van 1993 tot 2003 hadden Suske en Wiske ook een eigen weekblad: Suske en Wiske weekblad waarin naast strips van Standaard Uitgeverij ook nieuwe generaties striptekenaars konden publiceren. Alhoewel het blad vrij succesvol was is het inmiddels om onduidelijke redenen opgeheven. [bewerk] ToneelstukIn 1994 liep in Antwerpen een toneelstuk rond Suske en Wiske. De opvoering was zo succesvol dat ze ook in Nederland een tijd tourde. In zekere zin was dit een voorloper van de latere musical, al was het verhaal in dit geval niet gebaseerd op een bestaand album. [bewerk] MusicalIn juli 2002 ging een musical in première, gebaseerd op het verhaal De spokenjagers. De rolverdeling was:
De musical is zowel in België als in Nederland opgevoerd. De laatste voorstelling was in februari 2003. [bewerk] SpeelfilmIn 2004 verscheen De duistere diamant als speelfilm, naar het gelijknamige verhaal. Deze werd geregisseerd door Rudi Van Den Bossche. [bewerk] AnimatiefilmEr wordt gewerkt aan een 3D-animatiefilm van het verhaal De Texasrakkers, deze film zal eind 2008 in de bioscopen komen. Er zijn plannen om 13 Suske en Wiske-verhalen als animatiefilm te laten verschijnen, andere verhalen zijn De knokkersburcht, De stemmenrover, De kleppende klipper en De apekermis. [bewerk] Jubilea[bewerk] 25 jaarTer gelegenheid van de 25e verjaardag van Suske en Wiske in 1970 werd er in 1973 een jubileumboek uitgegeven, getiteld 25 jaar jubileum uitgave. Het was een gekartonneerde uitgave met een zilveren kaft. In het album is een biografie en bibliografie van Willy Vandersteen te lezen, alsook een heruitgave van de verhalen De avonturen van Rikki en Wiske en Het Spaanse spook. [bewerk] 50 jaarTer gelegenheid van 50 jaar Suske en Wiske in 1995 zijn verschillende speciale uitgaven verschenen:
[bewerk] 60 jaarOp 19 december 2005 was het precies 60 jaar geleden dat het eerste verhaal van Suske en Wiske, Op het eiland Amoras van start ging in De Standaard. Ter gelegenheid hiervan waren er in 2005 diverse feestelijkheden. De nieuwe albumuitgaven uit 2005 (De flierende fluiter, De formidabele fantast, Het slapende goud en De kaduke klonen) zijn alle voorzien van een speciaal 60-jaar-logo. Op 19 december verscheen een trilogie, getiteld Vrienden voor het leven, met hierin drie verhalen waarin het draait om vriendschap, namelijk Op het eiland Amoras, De ringelingschat en De sterrenplukkers. In het Stedelijk Museum te Zwolle was er een tentoonstelling ter gelegenheid van 60 jaar Suske en Wiske. Op zondag 24 juli 2005 werd de 60ste verjaardag van de serie gevierd in Bokrijk, waar alle personages present waren. Er was ook een speciale website geopend ter gelegenheid van het jubileum. Tenslotte is er een jubileum-album uitgebracht getiteld Suske en Wiske 60 jaar!. Hierin staat onder meer de geschiedenis van Suske & Wiske, interviews met striptekenaars en het korte verhaal Het mopperende masker. [bewerk] HitparadeOp de website van Suske en Wiske op het www wordt bijgehouden hoe de albums worden gewaardeerd. Vanaf het begin van de metingen staat De schat van Beersel (nr 111, voor het eerst in 1954 verschenen) op de eerste plaats van de totaallijst. In de lijst van 2006 stond echter De ringelingschat bovenaan, terwijl in 2007 De tuftuf-club het beste scoorde. Alle acht verhalen uit de Blauwe reeks (1952-1957) staan in de top 30. Opvallend is dat alle 32 verhalen die in de periode juni 1978 - april 1984 verschenen, relatief laag scoren. De albums van Willy Vandersteen worden het hoogst gewaardeerd, die van zijn opvolgers beduidend lager. [bewerk] Trivia
[bewerk] Externe links
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||