hulpmiddelen |
Oostenrijkse Nederlanden
De Oostenrijkse Nederlanden is de benaming voor de Zuidelijke Nederlanden tussen 1714 en 1795 toen deze bestuurd werden door de Oostenrijkse tak van het Huis Habsburg. Hiermee werden de Zuidelijke Nederlanden een autonoom onderdeel van de Habsburgse monarchie. Soms wordt ook gesproken van de Keizerlijke Nederlanden, één en ander om het onderscheid te maken met de Noordelijke "Republikeinse" Nederlanden. [bewerk] GeschiedenisDe Zuidelijke Nederlanden werden na de Spaanse Successieoorlog door Spanje aan Oostenrijk overgedragen. Dit gebeurde vooral op aandringen van de Republiek en Groot-Brittannië, bondgenoten van Oostenrijk, die een buffer te wilden behouden tussen Frankrijk en de Republiek. De Habsburgers zelf hadden weinig interesse voor de regio, uitgezonderd tijdens de oprichting van de Generale Keizerlijke en Koninklijke Indische Compagnie door keizer Karel VI. De Oostenrijkse Nederlanden behielden dan ook hun autonomie in de steeds meer centraliserende Habsburgse staat. Oostenrijk probeerde verschillende keren om de Zuidelijke Nederlanden te ruilen voor Beieren, waarbij de keurvorst van Beieren Koning van Bourgondië zou worden. Al deze pogingen mislukten. [bewerk] Jozef II en de Oostenrijkse NederlandenKeizer Jozef II begon na zijn troonsbestijging in 1780 het Habsburgse Rijk op verlichte wijze te besturen. Na 1781 volgde het ene edict het andere op. Eerst waren religieuze kwesties aan de beurt: in 1781 werden de tolerantie en de onafhankelijkheid van de Zuid-Nederlandse kloosterorden tegenover Rome afgekondigd, in 1783 volgde de opheffing van 163 kloosters. In 1786 werden te Leuven en Luxemburg algemene seminaries opgericht, waar iedereen die in de geestelijke stand wilde opgenomen worden, moest studeren. De oude bisschoppelijke seminaries verdwenen. Ook het staatsbestuur werd gereorganiseerd. Bij de burgerij en de geestelijkheid wekte zijn beleid veel weerstand op en werd na de Brabantse Revolutie en nieuwe onafhankelijke staat uigeroepen: De Verenigde Nederlandse Staten. Het Oostenrijkse leger wist de opstand echter te onderdrukken en de Zuidelijke Nederlanden kwamen weer stevig onder keizerlijk bestuur. De periode die volgde (januari 1791 tot november 1792) werd de eerste Oostenrijkse Restauratie genoemd. De situatie van vóór Jozef II werd opnieuw hersteld. De radicale democraten zagen hun wantrouwen in Wenen bevestigd en trokken zich terug in Frankrijk, waar ze een 'Comité des Belges et Liégeois Unis' vormden. Dit comité stelde een gecentraliserend grondwetsproject op: één kamer, samengesteld via algemeen stemrecht, met ruime bevoegdheid en controlemogelijkheid op de uitvoerende macht. De royalisten daarentegen werden voor hun trouw beloond met diverse functies. De statisten waren slechts ten dele gelukkig. In de praktijk hadden immers de royalisten de macht in handen. In 1794 werden de Oostenrijkse Nederlanden tijdens de Eerste Coalitieoorlog door revolutionair Frankrijk veroverd en in 1795 geannexeerd. Oostenrijk erkende dit verlies met de Vrede van Campo Formio in 1797. [bewerk] Gebieden |
||||||||||||||||||||||||||||