hulpmiddelen |
MetenMeten in strikte zin is de bepaling van de grootte of de omvang van iets aan de hand van waarneming en uitgedrukt in een getalswaarde of in een eenheid met een aangegeven dimensie. Meting is niet beperkt tot natuurkundige grootheden, maar strekt zich uit tot de kwantificatie van bijna al het denkbare. Voorbeelden van meting zijn het bepalen van onzekerheid, het vertrouwen van de consument en prijsstijging van ijsjes in de zomer. In ruimere zin wordt onder meten niet alleen het vaststellen van de kwantiteit, maar ook van de kwaliteit van een variabele verstaan. Er zijn verschillende meetniveaus. Voor het meten van grootheden is het gebruik van de juiste meetapparatuur en kennis van meetmethoden noodzakelijk Er wordt vaak gezegd: “meten is weten”. Het is echter even belangrijk te weten hoe wordt gemeten. Een gemeten waarde is nooit exact gelijk gelijk aan de werkelijke waarde van de gemeten grootheid (maat). Het is daarom belangrijk te weten wat je meet, en welke fouten daarbij gemaakt kunnen worden. Onder meten wordt verstaan: het vergelijken met een standaard. Om maten te kunnen vergelijken is er een internationale afspraak gemaakt dat alle aangegeven maten en toleranties gelden bij temperatuur van 20˚C. Uiteraard hebben we het hier uitsluitend over lengtemetingen. De grenzen die een constructeur stelt voor de afwijkingen in maat, gladheid, passing, vorm en plaats kunnen bij de productie slechts worden aangehouden als het juiste meetgereedschap beschikbaar is. Er zal moeten worden gemeten. De invloeden voor het ontstaan van afwijkingen (fouten) zijn:
De techniek gaat steeds verder en de eisen worden steeds hoger. De klant en de ontwerper van een product bepalen de vorm en nauwkeurigheid. De maker zal aan die eisen moeten voldoen. Daarom is het belangrijk om te weten hoe je de maten en vorm moet meten. Meten kan betrekking hebben op:
In het algemeen zullen het lengte en hoekmetingen zijn. Immers de diameter van een as of van een gat evenzeer een lengte als bijvoorbeeld de afstand tussen twee gaten. Er zijn voor de metingen uiteraard wel verschillende meetgereedschappen nodig. Meten kan geschieden met een aanwijzende en niet aanwijzende meetgereedschappen. De laatste, ook wel pasmiddelen genoemd, zijn bedoelt voor: “Meting”
De voor “meting” bedoelde pasmiddelen geven geen beeld van de aard en de kwaliteit. Zij geven slechts een goed /fout indicatie. Pas bij afkeur is gekend of er te groot of te klein is geproduceerd. Kortweg: met kalibers wordt niet gemeten. Eindmaten en instelringen mogen alleen worden gebruikt om ander gereedschap in te stellen. Het zijn geen kalibers! Bij aanwijzende meetgereedschappen krijgen wij een meetwaarde. Dat kan een absolute waarde zijn, maar ook een relatieve ten opzichte van een eindmaat. Om een waarde te kunnen afgeven, bezitten de instrumenten een ingebouwde maatstandaard. Om een kleine waarde goed te kunnen aflezen, wordt een “vergrotingssysteem” ingebouwd (mechanisch, optisch, pneumatisch of elektronisch). Dat hierbij gemakkelijk fouten kunnen gaan optreden, zal weinig betoog behoeven. Speling in een meetklok is een mechanisch euvel, maar ook bij andere systemen komen dergelijke problemen voor. Gemeten waarden kunnen analoog (aanwijzend op een schaal) of digitaal (met cijfers) worden weergegeven. Het meetresultaat kan ook op papier worden vastgelegd. Dit wordt bijv. vaak gedaan bij ruwheidmetingen en rondheidsmetingen. Ook kan dat analoog – met een lijn op een papier met een schaalverdeling – of digitaal – door een getal of een reeks getallen (o.a. machines). Voor meten is vaak een meetopstelling noodzakelijk; dan is hulpmeetapparatuur onmisbaar. Dat zijn referentievlakken (vlakplaten), verder bevestiging- en ondersteuningsmiddelen voor het product (centerbokken, v-blokken, parallelstukken) en tenslotte de hulpmiddelen voor bevestiging en positionering van de meetopnemer (meetstatief met of zonder referentievlak). Bedenk dat deze hulpmiddelen mee de nauwkeurigheid van een meting bepalen. [bewerk] TriviaEen onder technici bekende uitspraak is: "Meten is weten." Hiermee wordt gewezen op het grote belang van het uitvoeren van metingen voor het beschikbaar maken van concrete, feitelijke informatie. Een enkele keer wordt daaraan toegevoegd: "... maar alleen als je weet wat je meet", om te benadrukken dat het interpreteren van metingen niet altijd eenvoudig is. [bewerk] Zie ook |