hulpmiddelen |
Mehmet Ali AğcaMehmet Ali Ağca, geboren te Yeşiltepe op 9 januari 1958, is een Turkse militant die probeerde paus Johannes Paulus II te vermoorden op 13 mei 1981. Van Ağca, die zichzelf heeft omschreven als een huurling zonder politieke oriëntatie, is niettemin bekend dat hij lid is geweest van de ultranationalisitische beweging de Grijze Wolven. Hij opende destijds als 23-jarige militant op het Sint-Pietersplein in Rome het vuur op de paus, die in de buikwand werd geraakt. De paus overleefde de aanslag, en vroeg later in een gebed de menigte om vergiffenis voor Ağca: "...bid voor mijn broeder (Ağca), die ik oprecht heb vergeven". [bewerk] Periode na de moordaanslagAğca werd direct na de aanslag opgepakt en zat 19 jaar vast in Italië. Tijdens deze periode (in 1983) bezocht de paus hem in de gevangenis, en ging een gesprek met hem aan, waarvan nooit bekend is gemaakt wat er werd besproken. Ağca werd in 2000 uitgeleverd aan Turkije. Daar moest hij nog straf uitzitten voor een bankroof in de jaren zeventig en de moord op de prominente Turkse journalist Abdi Ipekçi. In februari 2004 presenteerde Johannes Paulus een nieuw boek, Herinnering en Identiteit. In dat boek kijkt de paus voor het eerst terug op de gebeurtenissen van mei 1981. Tijdens de presentatie van het boek merkt kardinaal Joseph Ratzinger op, dat Ağca regelmatig brieven stuurt aan het Vaticaan omdat hij volledig geobsedeerd zou zijn door het Mysterie van Fatima. De paus geloofde namelijk dat zijn leven tijdens de moordaanslag gespaard was door de Maria die in 1917 in Fatima verscheen. Dit alles zou verband houden met het zogenaamde "derde geheim" dat aan de drie Portugese herderskinderen werd geopenbaard. Ağca zou de sleutel tot het mislukken van de aanslag nu ook zoeken in de interventie van Maria. Nadat de laatste van de drie herderskinderen van Fatima, Lucia dos Santos, op 13 februari 2005 was overleden, stuurde Ağca een "Open Brief" naar het Vaticaan, waarin hij uiting geeft aan zijn medeleven bij het overlijden van zuster Lucia. In diezelfde brief beweerde hij dat het derde geheim van Fatima betrekking had op het vergaan van de wereld. Door het Vaticaan werd deze bewering als "obsessief" van de hand gewezen. Begin februari 2005, tijdens een zware griep van de paus, stuurde Ağca de paus een brief waarin stond dat hij hem veel beterschap wenst. Bij het overlijden van Johannes Paulus II op 2 april 2005 maakte Ağca bekend dat hij aanwezig wilde zijn bij de uitvaart. Dit verzoek werd echter niet ingewilligd door de autoriteiten van Turkije, waar Ağca op dat moment nog vastzat. Op 12 januari 2006 werd Mehmet Ali Ağca door een Turkse rechtbank (vervroegd) vrijgelaten. Acht dagen na zijn vrijlating werd hij opnieuw aangehouden en in de gevangenis gezet omdat er protest was aangetekend tegen zijn vrijlating. Op 2 mei 2008 gaf hij aan na zijn vrijlating staatsburger te willen worden van Polen, het vaderland van Johannes Paulus II, om daar de rest van zijn leven door te brengen. [bewerk] Externe link |