|
|
Hoofdletter in de Nederlandse spelling
"Het Groene Boekje" wordt beschouwd als de eigennaam van een zaak en wordt dus met hoofdletters geschreven.
Het officiële gebruik van hoofdletters in de Nederlandse spelling wordt door de overheid van België, Nederland en Suriname vastgesteld volgens regels die worden opgesteld in opdracht van de Nederlandse Taalunie. Die regels kunnen op drie manieren worden geraadpleegd:
Een aantal principes roept geen problemen op: zinnen beginnen met een hoofdletter, hoewel bij een versregel de dichter het zelf moet weten; en namen schrijven we ook met een hoofdletter. Maar waarom staat er dan geen hoofdletter achter de dubbelepunt hierboven? En hoe zit het met achternamen waarin “van de” voorkomt? Soms hangt dat van bijzondere omstandigheden af, waarbij ook bijzondere begrippen horen.
[bewerk] Bijzondere begrippen[bewerk] Afleiding en samenstellingAls een woord met een hoofdletter begint, wil dat niet automatisch zeggen dat ook de samenstellingen of de afleidingen van dat woord met een hoofdletter beginnen. Een samenstelling ontstaat als het woord wordt samengevoegd met een ander woord:
Aan een afleiding daarentegen komt geen tweede woord te pas; wel een voor- of achtervoegsel:
drama en dag zijn zelf woorden, en vormen samenstellingen; -er en -esk zijn daarentegen geen zelfstandige woorden, en vormen afleidingen. Benadrukt moet worden dat het verschil tussen samenstelling en afleiding op zichzelf nog niets zegt over het hoofdlettergebruik. Uit de bovenstaande voorbeelden blijkt dat van alles mogelijk is:
Hierboven is dan ook alleen het verschil tussen de begrippen "samenstelling" en "afleiding" besproken; de consequenties voor de spelling komen in volgende hoofdstukken ter sprake, van geval tot geval. [bewerk] DonorprincipeBij een bepaalde naam kan iemand wel eens bijzonder belang hebben: doordat hij de naamgever is, of rechten heeft op die naam. De spelling volgt dan vaak het donorprincipe en hanteert de schrijfwijze zoals die door de belanghebbende wordt gebruikt:
[bewerk] Specialistisch en wetenschappelijk gebruikWaar sommige perioden of hemellichamen in het dagelijks gebruik met een kleine letter worden geschreven:
zou dit in een professionele tekst een potsierlijke indruk maken. In zulke gevallen (de Technische Handleiding spreekt van “gespecialiseerde contexten”) wordt weer wel een hoofdletter geschreven:
Voor dit criterium geldt wat ook voor andere kenmerken zal blijken te gelden: ze zijn niet altijd haarscherp toe te passen, en vergen van de schrijver enig gezond verstand. [bewerk] Korte vormenIn de Leidraad wordt hoofdstuk 16, over de hoofdletters, onmiddellijk gevolgd door een sectie 17 over korte vormen. Ook daarin kunnen hoofdletters voorkomen, en daarom is het nodig de verschillende soorten verkorte vormen van elkaar te onderscheiden. Dat zijn:
[bewerk] ZinbeginEen zin begint met een hoofdletter, ook als die hoofdletter bij een afkorting hoort:
Maar een afgekapt woord krijgt geen hoofdletter; die hoofdletter komt dan bij het erop volgende woord:
Na een getal komt geen hoofdletter:
[bewerk] DubbelepuntNa een dubbelepunt komt een nieuwe hoofdletter als de erop volgende woordgroep als een of meer zelfstandige zinnen wordt beschouwd. Soms wordt dit door aanhalingstekens direct duidelijk.
Indien er niet zozeer sprake is van een nieuw begin, maar eerder van bijvoorbeeld een uitleg of verduidelijking, dan komt er geen hoofdletter.
[bewerk] PersoonsnamenDe beginletters van een persoonsnaam schrijven we met hoofdletters. Voor België geldt een officiële regeling, en die kan leiden tot afwijkingen: de inschrijving in het geboortegister geeft de doorslag.
[bewerk] Zaak of dierHetzelfde geldt voor eigennamen van dieren of zaken:
[bewerk] De IJAls een naam met een hoofdletter IJ begint, worden zowel de I als de J als hoofdletter geschreven:
Er komen echter soms afwijkende spellingen voor, en slechts als die de officiële schrijfwijze van de naam zijn, volgen we ze:
[bewerk] TussenvoegselsDit geldt ook voor eventuele lidwoorden (de) of voorzetsels (van, in):
[bewerk] NederlandHet volgende geldt voor Nederland: Die lidwoorden en voorzetsels schrijven we soms echter met een kleine letter; namelijk als er een eigennaamsdeel aan voorafgaat.
[bewerk] BelgiëHet volgende geldt voor België: Die lidwoorden en voorzetsels schrijven we zoals ze in het geboorteregister staan. Dit is wettelijk vastgelegd, en mag een vanzelfsprekendheid lijken; maar het impliceert verschillen tussen beide landen.
[bewerk] TitulatuurTitels en aanspreekvormen krijgen een kleine letter:
Toenamen van koningen en andere hooggeplaatsten krijgen een hoofdletter.
[bewerk] Bijzonder respectEen hoofdletter kan in een aanhef worden gebruikt als men uitzonderlijk respect wil uitdrukken:
Maar u en uw schrijven we met een kleine letter. [bewerk] Heilige begrippenNamen van heilige personen en heilige begrippen krijgen een hoofdletter. Hun samenstellingen ook.
Omdat goddelijke geen samenstelling is maar een afleiding, heeft het een kleine letter. En venushaar heeft een kleine letter omdat de directe relatie met de godin verdwenen is. Heilige geschriften krijgen een hoofdletter, en dit geldt ook voor hun samenstellingen én afleidingen. Maar dit geldt niet voor exemplaren van zo'n boek.
[bewerk] Afleidingen, voorwerpen, samenstellingenAfleidingen van persoonsnamen worden met een kleine letter geschreven:
Ook een voorwerp dat oorspronkelijk met een persoon is geassocieerd, krijgt een kleine letter:
Wel komt er een hoofdletter als het voorwerp iemands creatief of arbeidzaam product is. Dit geldt ook voor merknamen:
Samenstellingen met persoonsnaam krijgen juist wel een hoofdletter, althans zolang er nog een directe associatie met die persoon is. Dit geldt ook voor merken en instellingen, vernoemd naar een persoon:
Een uitvinding of ontdekking krijgt een kleine letter, behalve waar we uitdrukkelijk naar de naamgever verwijzen:
[bewerk] Astronomie en geografieAardrijkskundige namen krijgen een hoofdletter; de Leidraad spreekt van “plaatsen, streken, landen, maar ook bijvoorbeeld (...) bergen, rivieren, woestijnen”. Het geldt ook voor hemellichamen.
Maar we schrijven de magnetische noordpool, de evenaar: het gaat dan niet om een gebied, maar om een punt of lijn. [bewerk] Samenstellingen en afleidingenSamenstellingen én afleidingen van aardrijkskundige namen behouden de hoofdletter.
Maar we schrijven noordpoolcirkel, het zuidpoolgebied: het gaat niet om een aardrijkskundige regio, maar om een streekaanduiding of om een lijn. Een afleiding die niet langer als aardrijkskundig wordt ervaren, krijgt een kleine letter; het verschil is soms moeilijk te bepalen:
[bewerk] Aarde, zon en maanIn het dagelijks leven schrijven we de drie alledaagse hemellichamen met een kleine letter.
Dit geldt niet voor gespecialiseerde teksten. In het lexicon (de eigenlijke lijst met woorden) van het Groene Boekje zal men vergeefs zoeken naar de hoofdlettervormen, maar de Leidraad zegt expliciet dat we de kleine letters schrijven in niet-wetenschappelijke teksten. Vakdeskundigen (geologen, geografen) en andere schrijvers van gespecialiseerde teksten zullen juist de hoofdletter gebruiken.
Voor iedereen is het trouwens Moeder Aarde — met twee hoofdletters. [bewerk] Windstreken[bewerk] ZelfstandigWindstreken krijgen een kleine letter:
Een hoofdletter gebruiken we echter wanneer het woord een gebied aanduidt:
Ook dan krijgen de afleidingen een kleine letter:
[bewerk] In samenstellingenOok in samengestelde aardrijkskundige namen met windrichtingen gebruiken we een hoofdletter, alsmede in de afleidingen en samenstellingen dáárvan:
Wanneer zo'n samenstelling echter de naam van twee windrichtingen bevat, kan er betekenisverschil ontstaan, en tevens verschil in de spelling:
[bewerk] Verzwakt verbandAls er nog maar een zwak verband is tussen streek en woord, komt er een kleine letter.
De Leidraad noemt hier ook “sommige andere” samenstellingen en afleidingen. Daarbij valt te denken aan woorden als:
Ook de diverse termen voor barbarismen vallen hieronder, zoals:
Een bijzonder geval vormt de spelling van O/olympisch: in relatie tot de berg de Olympus gebruiken we een hoofdletter. In de naam Olympische Spelen staan hoofdletters, juist omdat het een naam betreft. We schrijven olympisch echter met een kleine letter in verband met die spelen; het eigenlijke verband, dat met de berg is dan immers verzwakt:
[bewerk] Verband weer versterktWeer wél met een hoofdletter moet:
Wordt bij edammer aan een soortnaam gedacht, een soort voedsel, in het geval van Edammer kaas denken we aan “kaas uit Edam”. Daardoor komt de herkomst weer in beeld: hoofdletter dus. [bewerk] Taal, volk en cultuur[bewerk] Taal en dialect[bewerk] HoofdregelNamen van talen en dialecten krijgen een hoofdletter, en daarbij volgen ze de aardrijkskundige conventies:
[bewerk] Meerdere hoofdlettersMeer hoofdletters komen er echter als de taal een koppelteken bevatte, of een spatie: die blijven staan.
Samenstellingen van twee geheel zelfstandige elementen behouden de hoofdletters:
[bewerk] Periode of standaardAllerlei andere voorvoegsels geven een periode of een standaard aan. In dat geval is er maar één hoofdletter:
[bewerk] WaardeoordelenSommige aanduidingen lijken een taal te benoemen, maar dat is slechts schijn: ze geven een waardeoordeel. Ze krijgen een kleine letter.
[bewerk] Volk en etnische groepDe naam van een bepaald volk wordt met een hoofdletter geschreven, de afleiding ook.
Dit geldt in alle gevallen als de naam is afgeleid van een aardrijkskundige aanduiding.
Wanneer een term niet op een volk duidt, maar overkoepelend wordt gebruikt voor een etnische groep, dan schrijven we een kleine letter.
Als er nog slechts een verzwakt verband is met de oorspronkelijke bevolkingsgroep, gebruiken we een kleine letter:
[bewerk] Cultuur en overtuigingNamen van culturen krijgen een hoofdletter.
Namen van (geloofs)overtuigingen krijgen echter een kleine letter. Dit geldt ook voor de beoefenaars en de gebruiken van godsdiensten. Zo is er verschil tussen Joden (die deel uitmaken van het Joodse volk) en joden (die de joodse religie aanhangen).
Ook culturele en maatschappelijke stromingen krijgen een kleine letter, evenals samenstellingen en afleidingen, en soortnamen die erbij horen.
[bewerk] Perioden, tijden en gebeurtenissen[bewerk] PeriodenTijdsindelingen zoals de namen van weekdagen, maanden, seizoenen worden met een kleine letter geschreven. Sinds kort geldt dit ook voor historische en geologische tijdvakken.
Dit geldt niet voor gespecialiseerde teksten. In het lexicon (de eigenlijke lijst met woorden) van het Groene Boekje zal men vergeefs zoeken naar de hoofdlettervormen, maar de Technische Handleiding zegt: “de vastgelegde vaktermen worden veelal in gespecialiseerde contexten als eigennamen ervaren en dus met hoofdletter geschreven”. De Leidraad voegt hieraan toe dat we de kleine letter schrijven “in courante teksten. In gespecialiseerde publicaties kan ervan worden afgeweken.” Vakdeskundigen (geologen, geografen) en andere schrijvers van gespecialiseerde teksten zullen de hoofdletter gebruiken.
[bewerk] FeestdagenFeestdagen krijgen hoofdletters, en moeten dus worden onderscheiden van perioden.
Afleidingen van feestdagen krijgen juist kleine letters:
[bewerk] GebeurtenissenGebeurtenissen krijgen een hoofdletter:
Oorlogen worden als gebeurtenissen beschouwd, niet als perioden, en dus schrijven we de Tweede Wereldoorlog, de Tachtigjarige Oorlog. [bewerk] Instellingen en merken[bewerk] InstellingenOfficiële namen van instellingen krijgen hoofdletters, ook in samenstellingen. Deze hoofdletters komen er niet wanneer het om soortnamen gaat: namen die voor meer dan één instelling kunnen worden gebruikt.
Woorden als "vereniging" krijgen alleen een hoofdletter als zij deel uitmaken van de officiële naam. [bewerk] MerkenMerknamen en hun samenstellingen krijgen een hoofdletter; soort- en stofnamen niet.
[bewerk] DonorprincipeSoms geldt echter het donorprincipe, en wordt een afwijkende spelling gevolgd.
[bewerk] TitelsTitels van creatieve werken beginnen met een hoofdletter. Bij klassieke en heilige boeken heeft het lidwoord vaak geen hoofdletter.
[bewerk] Duitse leenwoordenZelfstandige naamwoorden die aan het Duits ontleend zijn, krijgen geen hoofdletter:
Wel een hoofdletter krijgen woorden als Wehrmacht (een eigennaam) en Endlösung (een gebeurtenis), om de tussen haakjes genoemde redenen. Ook woorden die (nog) niet zijn ingeburgerd, behouden de hoofdletter. (Zie echter ook hieronder, Vreemde talen.) [bewerk] Verkorte vormen[bewerk] AfkortingenSoms geven we een woord verkort weer, terwijl het bij lezing toch voluit wordt uitgesproken. Niemand zegt “bijv.”: ook de afkorting wordt als “bijvoorbeeld” uitgesproken. Afkortingen volgen het hoofdlettergebruik van het volledige woord.
[bewerk] SymbolenSymbolen zijn gestandaardiseerd. Wetenschappelijke en/of internationale conventies leggen de notatie van maten en gewichten, van valuta's, van chemische elementen en dergelijke vast. Aan die conventies houdt de spelling zich.
[bewerk] Initiaalwoorden en letterwoorden[bewerk] Initiaalwoorden: hoofdwoordprincipeInitiaalwoorden, bestaande uit letters die we niet als woord kunnen uitspreken, volgen het hoofdlettergebruik van het woord waarop het is gebaseerd:
Het is pvc maar DDT. Het verdient aanbeveling dit soort woorden op te zoeken in de Woordenlijst. [bewerk] Letterwoorden: hoofdwoordprincipe en zelfnoemfunctieLetterwoorden, bestaande uit letters die we wel als woord kunnen uitspreken, volgen eveneens het hoofdlettergebruik van het woord waarop het is gebaseerd:
We schrijven T-shirt, H-balk en U-bocht met een hoofdletter, omdat juist de vorm van die hoofdletters de naam in het leven heeft geroepen. Een T-shirt heeft de vorm van een T, niet van een t. [bewerk] Vreemde taalEen vreemdtalig initiaal- of letterwoord wordt met hoofdletters geschreven, totdat het is ingeburgerd. Hier kunnen onduidelijkheden ontstaan. De Woordenlijst geeft ADSL (dat dus blijkbaar niet als ingeburgerd wordt beschouwd). Ook pin (kleine letters, dus wel ingeburgerd) wordt bij de vreemdtalige woorden genoemd, hoewel erbij wordt vermeld dat het staat voor persoonlijk identificatienummer. Dit soort afkortingen kan het beste in de lijst worden opgezocht. [bewerk] Wetten en andere overheidsstukkenWetten en overheidsbesluiten worden met hoofdletters afgekort.
Soms is een andere schrijfwijze gebruikelijk, en dan wordt het donorprincipe gevolgd:
[bewerk] ZiektenZiekten die in het dagelijks gebruik gemeengoed zijn geworden, krijgen kleine letters, maar de hoofdregel is dat afgekorte namen van ziekten met hoofdletters worden geschreven. Er is geen verband met vreemdtaligheid, zoals hierboven.
Met kleine letters, want gemeengoed geworden:
[bewerk] Aantal lettersSoms kunnen letterwoorden een eigennaam aangeven. Bij eigennamen kan het donorprincipe van kracht zijn; dat krijgt voorrang. In andere gevallen bepaalt het aantal letters de spelling. Letterwoorden van niet meer dan drie letters worden met hoofdletters geschreven.
Bij vier letters komen er alleen hoofdletters als de afkorting een politieke partij aangeeft, een vereniging of instelling:
Maar het donorprincipe schrijft PvdA voor. Woorden van meer letters krijgen één hoofdletter: de eerste.
[bewerk] VerkortingenVerkortingen als hetero, info, StuBru en nettiquette volgen het woord waarvan ze zijn afgeleid. Als er een donorprincipe is (de eigenaar gebruikt de afkorting op een bepaalde manier), dan wordt dat gevolgd. Een bijzondere regel geldt voor samenstellingen. Begint de verkorting met een hoofdletter, dan krijgt een samenstelling een streepje:
Anders niet:
[bewerk] Vreemde talenDe Woordenlijst bevat Nederlandse woorden, en daartoe worden uiteraard ook de vele leenwoorden gerekend die we aan vreemde talen te danken hebben. Maar behalve vreemde woorden gebruiken we in sommige contexten ook vreemdtalige woorden. Hieronder volgt nog een drietal aanbevelingen voor het hoofdlettergebruik van zulke woorden. [bewerk] Duitstalige uitdrukkingenIngeburgerde woorden uit het Duits zijn hierboven besproken. Soms gebruiken we echter Duitse uitdrukkingen die niet zijn ingeburgerd, maar nog steeds als Duits worden ervaren. Dan verdient het aanbeveling het oorspronkelijke hoofdlettergebruik te handhaven.
[bewerk] Wetenschappelijke namen van organismenEen geheel ander geval, dat buiten de Leidraad van de officële Woordenlijst valt, zijn de wetenschappelijke namen van dieren, planten, schimmels en eencelligen, die niet in het Nederlands luiden, maar uit Latijnse of gelatiniseerde woorden bestaan. De namen van soorten zijn tweeledig, en bestaan uit de geslachtsnaam (die een hoofdletter krijgt) en de soortnaam zelf (geen hoofdletter). De namen van families en hogere groeperingen krijgen altijd een hoofdletter.
[bewerk] Buitenlandse namenEigennamen ontleend aan vreemde talen behouden bij voorkeur de oorspronkelijke hoofd- en kleine letters.
[bewerk] Externe bronnen
|